Rond zessen

Wat gek! Als je afspreekt rond zes uur, kan je perfect zeggen rond zessen. Is dit een formulering in het meervoud? Of gaat het hier eerder om een soort declinatierelict? In het eerste geval is het een beetje gek een vaststaand tijdstip in het meervoud te formuleren (alsof er verschillende mogelijkheden zijn), in het tweede geval is het dan weer vreemd om een telwoord te gaan declineren. Of bestaat er een andere verklaring voor?

Advertenties

9 gedachtes over “Rond zessen

  1. Mss is het wel een soort van genitief, “rond het uur van zes”, of mss wel een soort gevoelsmatige constructie, een meervoud omdat je eigenlijk meerdere tijdstippen bedoelt en niet stip één tijdstip, of mss is het een verzwakking van “rond zes uur/uren”, die “uur” verzwakt omdat die toch evident is. Allemaal wat vergezocht theorieën wel. Wie weet heeft het iets te maken met het meervoud in “met z’n tweeën”, je kan evengoed zeggen “met z’n twee”, dat meervoud is nergens voor nodig.

  2. @Gijs: de ANS lijkt dat laatste “regionaal” te noemen (al ben ik daar niet zeker van, aangezien de voorbeelden in dit verband allemaal zonder bezittelijk voornaamwoord zijn). Overigens noemt de ANS die tijdsaanduidingen met telwoorden op -en “een apart geval”, zonder erbij te vertellen wat er dan apart aan is.

    Bij de vraag of het meervoud of iets anders is zou je kunnen kijken of je naast ‘rond zes uren’ ook zou kunnen zeggen ‘rond één uren’. Ik heb daar weinig gevoel over, maar als het kan is het dus geen meervoud zou ik denken. Ik vind van alle gevallen (“rond twee, drie … twaalf uren”) enkele voorbeelden op het internet (soms maar twee), behalve van “rond een uren”. Als het niet kan, zou het erop kunnen wijzen dat het meervoud is. Of zo ervaren wordt.

  3. Ik heb zitten denken of het iets te maken zou kunnen hebben met een oude naamval. Je hebt (had) ook gevallen als “de klok van zessenl,” “het klokje van zessen.” Maar ik heb het niet na kunnen kijken.

  4. ik zou ook zeggen een oude locatief gebruikt voor tijdsaanduiding… zoals “ten allen tijde”, “ten strijde”, “heden”, “ten langen leste” misschien? bij ons kan je in elk geval ook “te zessen”, “te vieren” enz. zeggen.

  5. Ik denk er aan om eens wat restanten van al die naamvallen op te snorren in het straatbeeld. Zo kwam ik laatst in Limburg iets tegen dat leek op “Lepelerweg”, waar bij de “-er” mij aan een genitief doet denken. Maar ik ben niet zo heel zeker.

    Enfin, met het notitieboekje op stap dus. Vooral straatnamen lijken daarbij grote kanshebbers.

  6. Ik heb nog even gezocht, en het WNT spreekt over “de verbogen vorm van het telwoord” (zie bijvoorbeeld bij ZES: ‘De wijzer staat op zessen’ of bij TWAALF: ‘Onthouden van den twaalven tot den noen(e)’). Het lijkt er dan toch op dat het naamval is en geen meervoud.

  7. Het kan wel eens dezelfde uitgang zijn die we ook vinden in: met z’n drieën/vijven/tienen. Overigens is in het Fries de uitgang -en meestal ook verplicht bij niet-ronde kloktijden:

    fiif oer seizen (?seis)
    kertier oer seizen (*seis)
    healkertier oer seizen (*seis)
    tweintich oer seizen (?seis)
    healwei sânen (*sân)
    tweintich foar sânen (?sân)
    kertier foar sânen (*sân)
    healkertier foar sânen (*sân)
    fiif foar sânen (?sân)

    Ook op adjectieven kom je in het Fries uitgangen tegen:

    Ik bin boppe (*boppen).
    Ik bin ûnder (*ûnderen).

    Ik gean nei boppen (?boppe).
    Ik gean nei ûnderen (?ûnder).

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s