Maar nochtans…

Naar het schijnt is ‘nochtans’ een woordje dat onze Noorderburen niet veel gebruiken. Nochtans komt het in België veel voor. Er bestaan heerlijke alternatieven voor ‘nochtans’:

  • “ikemetumpertanggezeidademdanimoesdoen.” (ik heb het hem nochtans [pertang < Fr. pourtant] gezegd dat hij dat niet moest doen.)
  • “’t ziet er anders niet zo naar uit.” (in een context: “het zal mooi weer worden vandaag” – “het ziet er nochtans [anders] niet zo naar uit”.)

Waar ik het hier over wil hebben, gaat over iets anders. Voegwoorden kunnen namelijk op verschillende manieren gebruikt worden. Lees bijvoorbeeld de twee onderstaande voorbeeldzinnen, waarvan ik helaas de referentie niet meer heb:

  • De onderwijs- en bestuurstaal in de universiteiten is het Nederlands. Nochtans mogen volgende onderwijsactiviteiten in een andere taal worden gegeven.
  • Leopold schreef, ten onrechte, helemaal niets over de componisten van bij ons. Luik, waar hij slechts op doorreis was, was in die jaren nochtans een beroemd centrum voor cultuur.

De twee ‘nochtans’-en zijn hier verschillend gebruikt.

  • In de eerste zin gaat de ‘nochtans’ in tegen iets dat letterlijk in de eerste zin gezegd is.
  • In de tweede zin gaat de ‘nochtans’ in tegen iets dat helemaal niet letterlijk gezegd is in de eerste zin.

Er is wel een soort verband tussen de twee, maar het is op het eerste gezicht niet echt duidelijk, denk ik:

“hij heeft niets geschreven” 

<nochtans>

“een beroemd centrum” 

Dit soort van verband komt bij ‘maar’ nog leuker naar voren:

  • De melk was zuur, maar hij had veel dorst.

“De melk was zuur” betekent “niet drinken”, “veel dorst hebben” betekent “drinken”. Op het niveau van “drinken” “niet drinken” staan de twee zinnen letterlijk tegenover elkaar.

 “de melk was zuur” (=niet drinken)

<maar>

“hij had veel dorst” (= drinken)

Zoiets is er ook bij ‘nochtans’.

“hij heeft niets geschreven” betekent letterlijk “niets schrijven”,

“een beroemd centrum” betekent “wel schrijven”.

En daar is de tegenstelling.

Bij ‘maar’ is er overigens nog iets interessants op te merken. ‘Maar’ is zo ongeveer synoniem met ‘toch’ en ‘niettemin’, niet? Kijk maar:

  • de melk was zuur, toch dronk hij er van
  • de melk was zuur, niettemin dronk hij er van
  • de melk was zuur, maar hij dronk er van

De drie zinnetjes hier boven zijn echter een beetje speciaal. “de melk was zuur” betekent “niet drinken”, maar “hij dronk er van” betekent LETTERLIJK “drinken”. Iets als “hij had veel dorst” betekent NIET-LETTERLIJK “drinken”.

Als dat LETTERLIJKE verband er is, dan is ‘maar’ niet synoniem met ‘toch’ of ‘niettemin’. Kijk maar:

  • ? de melk was zuur, toch had hij dorst.
  • ? de melk was zuur, niettemin had hij dorst.
  • de melk was zuur, maar hij had dorst.

De eerste twee zinnetjes voelen een beetje plastisch aan, niet? Bij mij roepen ze een glimlach op. Ah voegwoorden, ik voel dat er nog een post gaat komen over voegwoorden. Maar dan wel niet meer zo lang als deze post… iedereen tot op het einde geraakt?

Advertenties

3 gedachtes over “Maar nochtans…

  1. Die tweede en derde zijn juist leuker, omdat je door het tweede deel je lezing van het eerste bijgesteld wordt, of meegezogen naar een onvermoede context. Een leuke variant, ergens in de jaren 60 gehoord: Het vlees was wel gewillig, maar het gras was zo nat.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s