Krijgenpassief

22 03 2007

“Ik krijg het rapport overhandigd”

Wat krijgen we nu, denk je, het passief vorm je toch met worden of zijn? Was dat maar waar. Is bijvoorbeeld een passief met ‘zijn’ eigenlijk wel een passief? ‘Ik ben geopereerd’ bijvoorbeeld, is dat een passief of is dat een adjectief in een koppelwerkwoordconstructie?

Laten we stellen dat het passief meer een gevoel is dan een formeel vormingsprocede met een bepaald hulpwerkwoord. Het gevoel van het passief zou ik dan beschrijven met: het onderwerp heeft niet echt iets in te brengen in de actie die uitgedrukt wordt door het werkwoord. ‘Hij wordt in het ootje genomen’ betekent dat ‘hij’ niet echt iets in de pap te brokken heeft.

Wat denk je van ‘Hij kreeg de brief toegezonden’ of ‘hij had het gras gemaaid gekregen.’? Hier heeft ‘hij’ ook niet veel in de pap te brokken. Maar misschien is mijn uitspraak over ‘het passief als een gevoel’ ook wat overdreven. Toch vind ik de hierboven genoemde zinnen erg speciaal en interessant, temeer omdat ‘hij had het gras gemaaid gekregen’ eerder betekent ‘het is hem gelukt het gras te maaien’, dan ‘het gras werd voor hem gemaaid’.





Als je dorst hebt, er is bier in de frigo

20 03 2007
  • Als je dorst hebt, er is bier in de frigo.

Wat is er vreemd aan deze zin? Denk er even over na, vooraleer ik het verklap…

Vergelijk de zin eens met andere ‘als’ zinnetjes: “als je nu niet zwijgt, krijg je straf., “als je braaf bent, geef ik je een koekje.”

De ‘als je dorst hebt”-zin heeft geen inversie! Hoe komt dat toch maar? Eigenlijk heel eenvoudig: de twee zinnen ‘dorst hebben’ en ‘er is bier in de frigo’ hebben helemaal niets met elkaar te maken. Het is toch niet zo dat als je dorst hebt, er plots bier in de frigo verschijnt? Dat bier stond er al, of je hebt een magische koelkast.

Dit soort voorwaardelijk zinnen noemt men in de literatuur ‘commentarierend’. ‘Als je dorst hebt’ geeft commentaar op ‘het bier in de frigo’, om de aanwezigheid van dat bier relevant te maken.

Syntactisch gezien staat ‘als je dorst hebt’ niet helemaal in de zin, aangezien er dan twee zinsdelen voor de persoonsvorm zouden staan (er is immers geen inversie). En dat kan niet. ‘Als je dorst hebt’ is dus een losstaand feit dat eventjes in de aanloop van de zin is opgenomen. Volgens mij zit er ook een korte pauze tussen ‘als je dorst hebt’ en ‘er is bier in de frigo’.





Bananenzin uit 1958

19 03 2007

(in: De donkere kamer van Damkles – Willem Frederik Hermans):“Voorstellen en handen geven scheen niet op worden gerekend.”

Gespot door Esther!





Maar nochtans…

19 03 2007

Naar het schijnt is ‘nochtans’ een woordje dat onze Noorderburen niet veel gebruiken. Nochtans komt het in België veel voor. Er bestaan heerlijke alternatieven voor ‘nochtans’:

  • “ikemetumpertanggezeidademdanimoesdoen.” (ik heb het hem nochtans [pertang < Fr. pourtant] gezegd dat hij dat niet moest doen.)
  • “‘t ziet er anders niet zo naar uit.” (in een context: “het zal mooi weer worden vandaag” – “het ziet er nochtans [anders] niet zo naar uit”.)

Waar ik het hier over wil hebben, gaat over iets anders. Voegwoorden kunnen namelijk op verschillende manieren gebruikt worden. Lees bijvoorbeeld de twee onderstaande voorbeeldzinnen, waarvan ik helaas de referentie niet meer heb:

  • De onderwijs- en bestuurstaal in de universiteiten is het Nederlands. Nochtans mogen volgende onderwijsactiviteiten in een andere taal worden gegeven.
  • Leopold schreef, ten onrechte, helemaal niets over de componisten van bij ons. Luik, waar hij slechts op doorreis was, was in die jaren nochtans een beroemd centrum voor cultuur.

De twee ‘nochtans’-en zijn hier verschillend gebruikt.

  • In de eerste zin gaat de ‘nochtans’ in tegen iets dat letterlijk in de eerste zin gezegd is.
  • In de tweede zin gaat de ‘nochtans’ in tegen iets dat helemaal niet letterlijk gezegd is in de eerste zin.

Er is wel een soort verband tussen de twee, maar het is op het eerste gezicht niet echt duidelijk, denk ik:

“hij heeft niets geschreven” 

<nochtans>

“een beroemd centrum” 

Dit soort van verband komt bij ‘maar’ nog leuker naar voren:

  • De melk was zuur, maar hij had veel dorst.

“De melk was zuur” betekent “niet drinken”, “veel dorst hebben” betekent “drinken”. Op het niveau van “drinken” “niet drinken” staan de twee zinnen letterlijk tegenover elkaar.

 “de melk was zuur” (=niet drinken)

<maar>

“hij had veel dorst” (= drinken)

Zoiets is er ook bij ‘nochtans’.

“hij heeft niets geschreven” betekent letterlijk “niets schrijven”,

“een beroemd centrum” betekent “wel schrijven”.

En daar is de tegenstelling.

Bij ‘maar’ is er overigens nog iets interessants op te merken. ‘Maar’ is zo ongeveer synoniem met ‘toch’ en ‘niettemin’, niet? Kijk maar:

  • de melk was zuur, toch dronk hij er van
  • de melk was zuur, niettemin dronk hij er van
  • de melk was zuur, maar hij dronk er van

De drie zinnetjes hier boven zijn echter een beetje speciaal. “de melk was zuur” betekent “niet drinken”, maar “hij dronk er van” betekent LETTERLIJK “drinken”. Iets als “hij had veel dorst” betekent NIET-LETTERLIJK “drinken”.

Als dat LETTERLIJKE verband er is, dan is ‘maar’ niet synoniem met ‘toch’ of ‘niettemin’. Kijk maar:

  • ? de melk was zuur, toch had hij dorst.
  • ? de melk was zuur, niettemin had hij dorst.
  • de melk was zuur, maar hij had dorst.

De eerste twee zinnetjes voelen een beetje plastisch aan, niet? Bij mij roepen ze een glimlach op. Ah voegwoorden, ik voel dat er nog een post gaat komen over voegwoorden. Maar dan wel niet meer zo lang als deze post… iedereen tot op het einde geraakt?





Woordkoeien

16 03 2007
  • rusthuisanimator (vtrnieuws.net)
  • regel>regels ; maatregel>maatregelen ??????
  • smogalarm (vrtnieuws.net)
  • Valse bom in justitiepaleis (DSO) – zo gemeen, die bom!

Zelf een geweldige woordkoe opgemerkt deze week? Vereeuwig hem in de commentaren.








Volg

Get every new post delivered to your Inbox.