Ik ontbijt op het werk wel

28 02 2006

Pietel.be heeft een druk leven, en daarom schrijft hij zoals hij spreekt. Terecht, denk ik zo! En daardoor lees ik op zijn blog ik ontbijt op het werk wel. Dat is nu zo echt een zinnetje dat je zou zeggen, maar als je het moet opschrijven, schrijf je ik ontbijt wel op het werk.

Waarom springt die wel naar achteren in de spreektaal? Ik heb geen idee, maar als ik moet gokken zou ik zeggen: ontbijten en op het werk horen meer bij elkaar dan ontbijten en wel. Toen Pietel dus die zin in zijn hoofd vormde, wist hij wel dat hij iets wilde zeggen van ‘ja ma ik zal wel ontbijten’ en ‘ik ontbijt op het werk’, maar hij wist nog niet goed hoe hij het zou zeggen. Toen hij het er dan uitflapte combineerde hij die twee boodschappen, maar zonder ‘ontbijten op het werk’ te doorbreken met ‘ik ontbijt wel’.





Het komt goed

27 02 2006

In deze zin lijkt komen gebruikt te worden als koppelwerkwoord. Het betekent immers hetzelfde als Het wordt wel goed. We zijn komen al een keer tegengekomen als koppelwerkwoord, in een zin als ik kom zot. Maar in tegenstelling tot ik kom zot, is het komt wel goed een veel frequenter gebruikte en veel meer aanvaarde constructie. Wat wel gek is, is dat het komt slecht niet kan. Wellicht nemen mensen ook wel het hoopgevende nieuws dat iets wel in orde zal komen (!) vaker in de mond. Maar het is toch wel spijtig voor de pessimisten onder ons.





Geef acht!

27 02 2006

Bussen in Charleroi staan massaal in panne. (De Standaard)

Hilarisch! Waarschijnlijk heb ik teveel fantasie ofzo, maar een bus die staat, dan denk ik meteen aan een bus met een gezichtje en twee armpjes. En als hij in panne staat, dan denk ik eigenlijk dat hij in Panne, een fictief dorp, staat.

Om er toch een beetje een ernstige taalkoe van te maken, het volgende: welk hulpwerkwoord gebruik je bij:

  • ik sta/zit/lig op de bus te wachten.
  • ik sta/zit/lig naar tv te kijken.

Even tussen haakjes: ik zou kunnen zeggen “ik heb een half uur op de bus liggen wachten!” Maar ik kom dan ook uit Limburg?





‘t Ladeus

24 02 2006

In Leuven kan je tegenwoordig afspreken aan de kever op ‘t Ladeus. Hiermee kan ik misschien een vorige post verduidelijken. Het Ladeuze plein is hier het slachtoffer geworden van vocaalreductie. De allerlaatste letter van Ladeuze is een doffe e, een sjwa. Bovendien staat die in een onbeklemtoonde lettergreep. Dat wil zeggen dat je hem zowiezo al niet goed hoort. En aangezien wij taalgebruikers het ons liefst zo gemakkelijk mogelijk maken, laten we die sjwa dan ook meteen vallen. Gevolg: de ‘z’ in Ladeuze wordt een ’s’.

Wat?

Op het einde van een woord staat in het Nederlands altijd een stemloze klank. Voel maar aan je keel bij het uitspreken van eender welk woord: op het einde van het woord trilt je keel niet meer. Goede test: zeg ‘hond’ en je hoort ‘hont’.

En nog iets dat ik op het nieuws hoorde: sommige verslaggevers hebben het over Jeruzelem, Perijs en ik meen ook al eens een keer Ierlend gehoord te hebben (vul de sjwa’s in op de juiste plaats).





Ik RSS, jij RSSt

23 02 2006

Omdat Pietel.be nu eenmaal een taalkoevat is dat regelmatig overloopt, presenteer ik u wat hij vandaag weer gemorst heeft:

Thuis werk ik met Mac en ben ik zeer tevreden van Netnewswire. Op het werk, gebruik ik een tijdelijke PC, waarop ik voorlopig niet RSS. (taalkoe!)

Heel flink dat Pietel het zelf al signaleert. Hij toont ons hier een van zijn specialiteiten: Conversie.